David over zijn werk als cohortmedewerker: “Een roos voor iedereen die overleed”

Normaal gesproken werkt David Lander in de 24-uurszorg in Engeland. Daar woont hij zo’n twee weken lang bij iemand in. Daarna vliegt hij weer terug naar zijn huis in Nederland. Maar door het coronavirus was David genoodzaakt om zijn werk over de grens even stil te leggen. Via het project ‘Extra handen voor de zorg’ kon David twee maanden bijspringen op de cohortafdeling bij Lyvore, een ouderenzorgorganisatie in de regio Soest, Amersfoort en Baarn. Deze afdeling werd in zeer korte tijd opgetuigd voor alle bewoners, cliënten in de thuiszorg en buurtbewoners met het coronavirus. David vertelt over deze periode: “Het contact met de bewoners vond ik ontroerend en aangrijpend. Het kan echt heel snel omslaan met COVID-19. Iemand die ’s ochtends nog goed is, kan eind van de middag al palliatief zijn.”

David verpleegde mensen met een vorm van dementie die het coronavirus kregen. Sommige van hen zijn overleden. Speciaal voor hen stond een grote vaas op de afdeling waarin een roos werd geplaatst voor iedere bewoner die aan het virus overleed. “Daar zat een kaartje aan met een naam erop,” vertelt David. En wanneer een overleden bewoner werd opgehaald, bewees het personeel diegene nog een laatste eer. “Dan stonden we buiten in een rij. En keek je naar de grond, als een soort eerbetuiging.”

Het virus zonder symptomen

Gelukkig zijn veel bewoners ook hersteld van het coronavirus. David merkte duidelijk een verschil tussen de eerste en laatste periode dat de afdeling bestond. “In het begin waren er wel echt erg zieke mensen,” zegt David. “Bij hen ging het echt snel. Naarmate de tijd vorderde, kwamen er steeds meer bewoners op de afdeling die positief waren getest. Zij hadden het virus, maar geen symptomen. Voor de veiligheid van hun medebewoners en medewerkers werden zij overgeplaatst naar de cohortafdeling. Hen moest ik echt uitleggen dat ze ziek waren, want zo voelden ze zich niet.”

Niet weten hoe collega’s eruitzien

Ondanks alle hectiek van de afdeling kreeg David ruim de mogelijkheid om vragen te stellen. En de sfeer tussen de collega’s onderling was ontspannen, hoewel David vaak niet eens wist hoe zijn collega’s eruitzagen: “We hadden een stukje plakband met onze naam op onze pakken, zodat je wist van elkaar wie die persoon was. En af en toe kwam je elkaar zonder alle beschermende kleding tegen. Dat is een beetje apart, want soms zag iemand er heel anders uit dan ik had verwacht. Veel jonger of ouder, bijvoorbeeld.”

Allerlei verschillende mensen

De collega’s uit het team van David kwamen uit allerlei verschillende organisaties uit de regio. Zo werkte een van de verpleegkundigen normaal gesproken in de revalidatie en een andere collega in het hospice uit de buurt. “Het team bestond uit verschillende mensen die elkaar nog niet kenden. Toch vond ik het erg soepel gaan.” Dat de sfeer goed was blijkt ook uit de afspraak die David en zijn collega’s maakten om in het najaar nog eens bij elkaar te komen. “Dat is wel heel waardevol.”

“Het gaat echt om mensen”

“Het leukste aan de zorg vind ik dat het altijd essentieel is. Het gaat echt om mensen.” En daar draagt David maar wat graag aan bij. Ook als er een tweede golf komt. “Dan ga ik weer helpen. Ik vond het echt fijn dat deze mogelijkheid er was.”

Wil jij net als David van betekenis zijn en (tijdelijk) aan het werk in de zorg? Neem dan contact met ons op om te ontdekken wat wij voor jou kunnen betekenen. 

Werken